Tagarchief: lasswell

Theoretische onderbouwing

Vaak wordt bij je rapport een theoretische onderbouwing of theoretisch kader gevraagd. Hierin leg je in je eigen woorden uit wat je verstaat onder de theorieën, modellen en concepten die je hebt gebruikt voor het analyseren van de situatie, het bedenken van oplossingen en het beslissen van welke oplossing je gaat adviseren. Zo zorg je ervoor dat jij en de lezer dezelfde uitgangspunten hebben, met dezelfde ‘bril’ naar de probleemsituatie en jouw oplossing kijken.

Je vindt hieronder uitleg over de theoretische onderbouwing en links naar modellen, theorieën en concepten die je kunt gebruiken. (Maak wel je eigen theoretische onderbouwing, dus vul de hier voorgestelde modellen, theorieën en concepten aan en leg ze alleen uit als je ze ook echt hebt gebruikt.)

Lasswell als ‘kapstok model’

Er zijn verschillende opvattingen over wat communicatie is, maar het verbale communicatiemodel van Lasswell is een bekend model dat bruikbaar is voor het maken van een communicatieplan. Zie ook: Waarom Lasswell’s model achterhaald maar toch bruikbaar is.

Dit model heb ik gebruikt als ‘kapstok’: elk onderdeel van dit model kun je verder uitwerken met andere modellen, theorieën en concepten. Zoals hieronder als  voorbeeld weergegeven – vul zelf aan met theorieën, modellen, concept die in jouw situatie nuttig zijn.

Lasswell model
Lasswell’s verbale Communicatiemodel
Afzender Boodschap Middelen Doelgroep Effect

Zender Ontvanger Effect toelichtingOp basis van Lasswell’s model heb ik het volgende model getekend:

 

 

Je moet de onderdelen van Lasswell’s model invullen, en je moet een strategie bedenken om de boodschap via de middelen bij de doelgroep te krijgen. Hierbij kunnen de volgende modellen, theorieën en concepten helpen:

Nadat je oplossingen hebt bedacht moet je beslissen welke oplossing je gaat adviseren. Voor het selecteren van de juiste oplossing kun je bijvoorbeeld de volgende modellen, theorieën en concepten gebruiken:

Maar, om te beginnen moet je de opdracht van de opdrachtgever vertalen naar een opdracht die jij als communicatiedeskundige ook echt goed kunt aanpakken. Daarvoor moet je de context van de opdracht kennen en hiervoor kun je bijvoorbeeld de volgende modellen, theorieën en concepten gebruiken:

 

 

 

 

Advertenties

Waarom Lasswell’s model achterhaald, maar tóch bruikbaar is

Lasswell’s verbale model voor communicatie is oud en in vele opzichten achterhaald. Tóch is het bruikbaar en het kan dienen als de basis voor je theoretisch kader.

Lasswell model

Achterhaald, maar nuttig met aanvullingen

1 Eén richting, geen interactie

Lasswell’s model gaat ervan uit dat communicatie één richting op gaat: van de zender naar de ontvanger, waarbij de zender de dominante partij is en bepaalt wanneer de communicatie geslaagd is.

Eigenlijk is er bij communicatie meestal sprake van feedback of zelfs interactie / dialoog, een spel tussen gelijken, maar daar daar heeft Lasswell het niet over.

Echter, voor een communicatieplan is deze opvatting heel nuttig, want via dit plan wil de opdrachtgever horen hoe hij moet communiceren zodat het bedoelde effect wordt bereikt. Híj bepaalt dus wanneer de communicatie geslaagd is, precies zoals het model voorstelt.

Bovendien kán het bedoelde effect zijn dat er interactie / dialoog op gang komt.

2 Geen rekening met omstandigheden

Lasswell’s model is bijvoorbeeld achterhaald, omdat het geen rekening houdt met allerlei omstandigheden, waardoor de boodschap niet aankomt en / of niet het effect heeft dat jij hoopt. Maar daarvoor kun je aanvullende theorieën toepassen, bijvoorbeeld over consumentengedrag. Deze theorieën kun je toepassen in je analyses en onderzoeken voor de verschillende stappen in je communicatieplan, zo kun je een effectiever en efficiënter plan maken.

3 Geen groep-vorming

Waar het model van Lasswell ook geen rekening mee houdt, is dat communicatie niet alleen gaat over zenden en ontvangen, maar ook over groep-vorming: commun-icatie. Maar je kunt deze groepvorming zien als een lange-termijn effect van communicatie, dus ook daar kun je een plan voor maken, gebaseerd op Lasswell’s model.

Bruikbaar

  1. Vanuit Lasswell’s model kun je de belangrijkste onderdelen van een Communicatieplan bedenken.
  2. Niet in de laatste plaats is Lasswell’s model bruikbaar, omdat dit het model is dat veel mensen – dus ook jouw opdrachtgever! – in hun achterhoofd hebben als ze het over communicatie (of contentmarketing) hebben. (Soms hebben ze een nóg eenvoudigere opvatting: communicatie = zenden.) Hieruit volgen verwachtingen. Dus om een tevreden opdrachtgever te krijgen, en een goede relatie met hem te onderhouden, is het praktisch om in te spelen op zijn verwachtingen.
  3. Lasswell’s model beschrijft de belangrijkste onderdelen van een Communicatieplan. Begin in je theoretisch kader met het beschrijven van wat communicatie is.
    • Namelijk meer dan gesuggereerd wordt door een lineair model, zoals Z→O. Hiervoor kun je de Piramide van Communicatiemodellen gebruiken.
    • Vervolgens leg je uit dat je communicatieplan gebaseerd is op het verbale model van Lasswell.
    • Daarna leg je per element in dit model uit welke theorieën, concepten en modellen je wilt gebruiken om het betreffende element verder te analyseren en onderzoeken, zodat je het meest effectieve plan kunt bedenken.

Lasswell’s verbale communicatiemodel

 

“Het eerste model dat door communicatiewetenschappers is gebruikt, is het model van Lasswell (1948). Dit model beschrijft het communicatieproces verbaal:

Who says what, in which channel, to whom, with what effect?‘ ”

(De Boer & Brennecke, 2003, p18)

Lasswells model visueel gemaakt:

Lasswell model

Source: http://communicationtheory.org/lasswells-model/

Lasswells model is dus een klassiek Zender-Ontvanger model.

Basis voor Campagne

Onder het begrip ‘communicatie’ kan veel meer worden verstaan dan dit lineaire model (zie Piramide van Communicatiemodellen), tóch komt een communicatieadvies meestal neer op het beantwoorden van deze vraag. De opdrachtgever wil doorgaans namelijk een advies over een concrete campagne die hij kan gaan uitvoeren. In een campagneplan staat:  welke boodschappen via welke middelen op welke momenten naar welke personen gezonden moeten worden om de gewenste effecten te bereiken.

Basis voor theoretisch kader

Het verbale model van Lasswell is oud en in veel opzichten achterhaald. Tóch kan het de basis vormen voor een theoretisch kader, aangezien het de belangrijkste onderdelen van een communicatiestrategie beschrijft. In je theoretisch kader begin je dan met het beschrijven van wat communicatie is (namelijk meer dan een lineair model suggereert, hiervoor kun je de Piramide van Communicatiemodellen gebruiken). Vervolgens leg je uit dat je strategie gebaseerd is op het verbale model van Lasswell. Daarna leg je per element uit dit model uit welke theorieën, concepten en modellen je wilt gebruiken om het betreffende element verder te analyseren en onderzoeken, zodat je de meest effectieve strategie kunt bedenken.

Elementen van Lasswell’s model en aanvullende theorieën

  • ‘Who’, is niet altijd de opdrachtgever of het merk, de afzender kan ook bijvoorbeeld een tussenpersoon zijn.
  • Voor het ontwikkelen van de boodschap kun je diverse modellen gebruiken.
  • ‘Medium’ kan bestaan uit communicatiemiddelen, massamedia, social media, maar ook evenementen.
  • Voor ‘To Whom’ analyseer je wie de doelgroep(en) moet(en) worden.
  • Onder ‘effecten’ worden meestal kennis, houding en voorgenomen gedrag verstaan, maar effecten kunnen ook zijn dat mensen meer een wij-gevoel gaan ervaren, zich meer betrokken voelen, zich meer identificeren, loyaal zijn, etc.

Om tot het advies te komen zou je dus analyses moeten maken die ook uitgaan van communicatiemodellen uit hogere niveaus in de Piramide van Communicatiemodellen. Op basis van deze analyses kan je dan bijvoorbeeld een campagne adviseren om bijvoorbeeld de gewenste identiteit (of gedeelte daarvan) te realiseren en daardoor een gewenst imago te bevorderen.

Lees meer over Lasswell’s verbale communicatiemodel:

Zie ook:

De kernvraag voor communicatiedeskundigen

Er zijn heel veel visies op wat communicatie is of zou moeten zijn, en welke effecten communicatie kan hebben. In de praktijk wordt echter van communicatiedeskundigen nog steeds verwacht dat ze op zijn minst de vraag te beantwoorden uit Lasswells verbale communicatiemodel:

Who says what, in which channel, to whom, with what effect?

In dit model kan het effect bijvoorbeeld zijn: het veranderen van kennis, houding of voorgenomen gedrag van een individu, of groep. En het gevolg hiervan kan o.a. zijn dat mensen zich meer betrokken voelen bij elkaar, bij een organisatie of een merk; dat een groep wordt gevormd: commun-icatie.

Die effecten treden meestal niet op na één actie en met één medium, maar is het gevolg van een langduriger proces met opeenvolgende acties met diverse media en evenementen. Ook is het doorgaans nodig dat er interactie is en dat er een band ontstaat tussen zender en ontvanger.

Toch kunnen al die effecten en die interactie alleen ontstaan als er acties worden ondernomen. Eenmalige acties, met één middel en met een voorgenomen effect. Bijvoorbeeld: Na het lezen van deze tekst moet de lezer zich gemotieveerd voelen om het het goede te gaan doen.